Erwtensoep

1 kg erwten
muntblaadjes
1 koffielepel Groentebouillon
8 sint-jakobsschelpen
1/4de l water

Bereiding

Stoom de erwten samen met de Groentebouillon. Kruid de sint-jakobsschelpen en bak ze kort aan op een hoog vuurtje.
Doe de erwtjes en het water in de blender en mix alles fijn.
Hak de munt fijn, doe hem in de soep en serveer dit samen met de sint-jakobsschelpen.

Varkensgebraad (4p)

1 varkensgebraad van 600 à 800 g
4 wortelen
braadboter
2 eetlepels suiker
2 fijngehakte sjalotten
1 eetlepel kerrie
3 hele sjalotten
2 dl water
1/2 eetlepel runderbouillon
1 teentje look
tijm en laurier
2 eetlepels peterselie
aardappelpuree

Bak het varkensgebraad in de braadboter aan alle kanten bruin en voeg er de 3 sjalotten (in tweeën gesneden) aan toe samen met de tijm en de laurier.
Laat alles rustig garen onder een deksel gedurende ongeveer 25 minuten.
Blus dit vervolgens met het water en voeg er de runderbouillon aan toe.
Snij de wortelen in schijfjes en stoof ze samen met de fijngesneden sjalotjes en de look in wat braadboter. Strooi er een beetje suiker overheen en voeg er wat tijm en een laurierblaadje aan toe. Bevochtig de bodem met een wat water en laat dit 15 à 20 minuten garen onder het deksel. Strooi er wat kerrie overheen. Snij het vlees in schijfjes en serveer met de worteltjes en de aardappelpuree.

Beignets

400 g mix voor oliebollen
1 zakje gist (zit meestal bij de mix)
1 ananas
2 appelen
2 dl melk
bloemsuiker

Meng de oliebollenmix met de gist in een mengkom en voeg de melk en 100 ml lauw water toe. Roer goed door elkaar. Voeg nog 50 à 100 ml water toe, beetje bij beetje, tot u een glad deeg bekomt.
Dek het deeg af met een vochtige doek en laat 30 minuten rijzen op een warme plaats.
Snij ondertussen de ananas in 15 schijven van ongeveer 1 cm dik. Dep ze droog.
Schil de appelen, verwijder het klokhuis en snij elke appel in een 5-tal schijven van ongeveer 1 cm dik.
Dompel de ananas en de appelschijven onder in de het deeg en leg ze onmiddellijk daarna per 3 à 4 in de frituurolie (170°). Laat 5 minuten bakken. Wanneer de beignets bovendrijven, zijn ze klaar.

Laat even uitlekken op keukenpapier. Leg ze op een bordje en bestrooi met bloemsuiker.

Witloofsoep met kantkoekjes

1 kg witloof
400 ml kalfsfond
60 g Oud-Brugge kaas
1 sneetje Ardense ham
1 sjalot
2 dl room
bieslook
1 klontje rietsuiker
1 eetlepel boter
1 koffielepel tijm
1 koffielepel paprikapoeder
1 mespunt cayennepeper
1/4 koffielepel nootmuskaat
peper en zout

Snij het witloof in stukjes, snipper de sjalot fijn en en rasp de kaas.
Rol het sneetje ham op en snij in heel dunne reepjes.

Maak 16 cirkeltjes (ongeveer een diameter van 4 cm) met de geraspte kaas op een vel aluminium - of bakfolie. Let erop dat de kaascirkeltjes even dik zijn.
Bestrooi ze met enkele hamsnippers en tijm en zet 4 à 5 minuten onder de gril. Laat afkoelen en ‘pel’ de de koekjes van de folie.

Laat de gesnipperde sjalot glazig stoven in de boter. Voeg het witloof, het klontje rietsuiker, de kalfsfond, 7 dl water, paprikapoeder, nootmuskaat en cayennepeper toe.
Dek af en laat 10 minuten koken.
Mix de soep en voeg de helft van de room toe. Kruid met peper en zout.

Versier elk bord soep met een straaltje room, enkele sprietjes bieslook en een viertal kantkoekjes.